Dansen, dansen en frisse pintjes drinken


Door

Archief

Na jaren van huis-, tuin-, en keukenexperimenten in het redactielokaal of andere makeshift 'laboratoria', kozen we ditmaal voor een experiment in een echt labo. Geen vloeistoffen mengen in witte jassen, wel dansen met gekke petjes in de kelders van de Krook.  

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 30/04/2018 – 8:19 door Luna NysEm­i­lie Devreese

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Of je nu ongelofe­lijk rit­misch bent of net de muzikaliteit van een tafelpoot hebt en zo sti­jf bent als een hark, als stu­dent kom je er onmo­gelijk onderuit: je zal weleens moeten dansen. Een sal­sa-avond in de Ther­mi­nal, een optre­den in de Char­la­tan of een wild feestje in de ontspan­ningsza­al van Home Ver­meylen, het maakt niet uit: dansen zal je. Uit­er­aard zijn er gra­daties als het op geni­eten aankomt. Op een schaal van ‘door de grond zakken van schaamte’ tot ‘best night ever, plots was het ocht­end’, kun­nen (en zullen) alle mogelijke tussen­vor­men zich voor­doen. Omdat we natu­urlijk op alle mogelijke vlakken, en dus ook op het vlak van dansavon­den, streven naar absolute suc­ceser­varin­gen, zit de weten­schap ook hier niet stil.

Tanzen, tanzen, tanzen

Wij waren wel eens benieuwd naar hoe onze danser­varin­gen er in de toekomst zouden kun­nen uitzien, en namen daarom deel aan een pro­fes­sioneel exper­i­ment in de kelders van de Krook. Niet zomaar in een gri­js, vuil lokaalt­je ergens op verdieping ‑3, maar wel in een mys­terieuze ruimte met ged­imd geel licht en zo’n 64 speak­ers verdeeld over de vier wan­den en het pla­fond. Bij aankomst tek­enden we offi­ciële con­tracten, vulden we een online enquête in en kre­gen we uit­leg over wat ons te wacht­en stond. Om niet bevooro­ordeeld aan het exper­i­ment te begin­nen, bleef de the­o­rie hier­achter tot aan de deel­name een groot vraagteken. We kre­gen een pols­band die aller­lei stress­fac­toren, zoals onze hart­slag, huid­vochtigheid en tem­per­atu­ur, mat en we zett­ten een grap­pig pet­je met reflecterende mark­ers op, zodat de camera’s onze beweg­in­gen kon­den trac­eren in de ruimte.

“Aan­vanke­lijk was het vrij onge­makke­lijk”

Het exper­i­ment kon begin­nen. Met z’n drieën moesten we in het mid­den van de ruimte gaan staan. Ver­vol­gens werd er een num­mer opgezet en mocht­en we naar vri­je wil op de muziek bewe­gen. Dansen, sprin­gen, rond­jes draaien, liggen of gewoon hele­maal niets doen: het maak­te alle­maal niet uit. Gewoon doen wat de muziek je ingeeft. Dit vijf num­mers lang, waar­bij we na elk dans­mo­men­t­je een korte vra­gen­li­jst invulden over de emoties en reac­ties die het num­mer in ons los­maak­te.  Aan­vanke­lijk schuifelden we – elka­ar lekker onge­makke­lijk aankijk­end – in het rond op het ritme van een soort lindy­hop­plaat, maar na enkele num­mers wer­den we al iets loss­er. Afs­luiten deden we als ware per­for­mances­tu­den­ten met een exper­i­mentele dans doorheen het hele lab­o­ra­to­ri­um op episch klink­ende muziek, die achter­af uit ‘Pirates of the Caribbean’ bleek te komen. Aye. Na vijf num­mers zat het er op, en eindigde de enquête met de vraag naar ons favori­ete num­mer. Het tweede en het laat­ste, beslis­ten we min of meer unaniem. En toen kwam het moment waar we alle drie op zat­en te wacht­en: de weten­schap­pelijke uit­leg achter het gebeuren dat net had plaats­gevon­den.

“Je kri­jgt het gevoel dat de muziek om je heen beweegt en van alle kan­ten komt”

Tanzen wie noch nie

De bedoel­ing van het exper­i­ment is om te onder­zoeken hoe mensen rea­geren op Wave Field Syn­the­sis (WFS). Wan­neer we muziek luis­teren, komt die meestal uit max­i­maal twee box­en, zek­er als we dit thuis doen. WFS creëert daar­ente­gen aan de hand van gelu­ids­gol­ven een 3D-gelu­id­sef­fect, wat de illusie opwekt dat de muziek om je heen beweegt en van alle kan­ten komt. Hier­door kri­jg je het gevoel dat je er mid­den in staat. Je kan in principe zo veel gelu­ids­bron­nen creëren als je wil.

“Wave Field Syn­the­sis creëert een 3D-gelu­id­sef­fect”

Het is dus een heel inge­nieus sys­teem en over het tech­nis­che aspect is er dan ook al druk onder­zoek gedaan. Rest enkel de vraag: wat doet dat eigen­lijk met ons? Vin­den we dat wel aan­ge­naam, of werkt het net schrik­wekkend? Op basis van deze nieuws­gierigheid werd het onder­zoek op poten gezet. Van de vijf num­mers die we te horen kre­gen, wer­den er twee in een ‘mul­ti­track’ in ver­schil­lende kanalen gesto­ken. Dat houdt in dat elk instru­ment door een andere box afge­speeld werd. Op die manier werd er een effect gecreëerd dat voor de luis­ter­aar in de onder­zoek­sruimte een pak indruk­wekkender klonk dan wan­neer de muziek door slechts een of twee box­en weerk­lonk. Uit­er­aard waren wij niet de enige drie test­per­so­n­en, maar slechts één van de meer dan tien groepen. Bij elke groep wer­den de num­mers willekeurig door elka­ar gehaald en wer­den ook andere num­mers met WFS doorheen de ruimte gespeeld.

Belan­grijk om te weten is ook dat bij­na geen enkel gebruikt num­mer gemaakt was om op deze manier afge­speeld te wor­den. Een­t­je werd spe­ci­aal door een van de onder­zoek­ers gecom­poneerd, de anderen waren bestaande num­mers die pro­fes­sioneel gedes­tilleerd waren. Als WFS naar de toekomst toe toe­ganke­lijk­er wordt, dan opent dit deuren naar een com­pleet nieuwe manier van luis­teren en dus ook van muziek schri­jven. Denk aan die ene keer dat je naar een 4D-cin­e­ma ging of omringd was door een com­pleet ork­est, of eventueel die ene keer dat je meedeed aan een exper­i­ment in de kelder van de Krook.

“Dit opent deuren naar een com­pleet nieuwe manier van luis­teren naar en schri­jven van muziek”

Auf unsere Lieblingsmelody

De offi­ciële resul­tat­en van het offi­ciële onder­zoek van de offi­ciële onder­zoek­ers moeten nog offi­cieel wor­den gemaakt, maar lat­en we ervan uit­gaan dat deze steekproef waar­bij maar lief­st drie deel­ne­mers hun benen los­gooiden toch ook al een beet­je offi­cieel is. Zoals eerder ver­meld von­den we het tweede en laat­ste num­mer min of meer unaniem het beste. En wat bleek? Ons zes­de zin­tu­ig voor WFS zat er hele­maal op. Niet alleen von­den we de num­mers het leukst, ook op de beelden die we van onze pet­jes te zien kre­gen waren we bij het laat­ste num­mer over­duidelijk een pak beweeglijk­er dan bij de voor­gaande num­mers. Het gevoel hele­maal in de muziek te zit­ten, kon­den we dus wel smak­en en mag voor ons zek­er en vast the next big thing wor­den in de Over­poort en op de zomer­fes­ti­vals.


Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *