Diversiteit aan de UGent: een proces van lange adem?


Door

Archief

De UGent heeft de herbronning van het diversiteitsplan ingezet. Om het plan van 2008-2018 nieuw leven in te blazen, komt ze op de proppen met een volledige herwerking. Verandert het plan voldoende en sluit het aan bij de noden die de voorbije jaren duidelijk werden?

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 17/10/2020 – 15:06 door Elise Maes­Dries Van den Eyn­den

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

“Door de toegenomen afs­tand tussen jeugd en onder­wi­js, lijken kansen die eerder al gebreken toon­den nog verder af te nemen”, aldus Knack. De vraag is dan ook of dit tot een shift naar meer diver­siteit geleid heeft. De ‘Black Lives Matter’-beweging (BLM) kende enkele maan­den gele­den ook in Bel­gië een opmars, en onze regering was nooit eerder zo divers. Ook de UGent komt met een vernieuwd diver­siteit­s­plan op de prop­pen. Hoog tijd om dat inhoudelijk op de roost­er te leggen.

Beter laat dan nooit?

In dit belei­d­splan wordt vooral gespro­ken over gen­der, migratieachter­grond en func­tiebeperkin­gen. Het ver­groten van onder­wi­jskansen staat cen­traal om insti­tuten van bin­nenu­it een diverse twist te geven.

In het inter­view dat Scham­per vorig jaar al afnam van stu­den­ten­v­erenig­ing Umo­ja, bleek dat bij een onder­zoek naar men­taal wel­bevin­den aan de UGent, stu­den­ten met een migratieachter­grond slechts gebrekkig bereikt wer­den. Ook schoot de rep­re­sen­tatie van mensen met een migratieachter­grond op onze uni­ver­siteit teko­rt. Waar ze met een tien­tal stu­den­ten van kleur start­ten, bleven ze lat­er maar met twee over. Dit werk­te voor hen niet alleen ont­moedi­gend, maar dit leverde hen ook het bewi­js dat ze het moeil­ijk­er had­den zich rech­top te houden in ons uni­ver­si­tair kli­maat.

De uni­ver­siteit erkent dat de diver­siteit in de heden­daagse maatschap­pij te weinig wordt weer­spiegeld

Ook Amber Pock­elé, stu­dente aan de UGent met een chro­nis­che ziek­te als func­tiebeperk­ing, deelde op Twit­ter een negatieve ervar­ing met de UGent: “Door een oper­atie voor mijn chro­nis­che ziek­te heb ik enkele exa­m­ens niet bijge­woond, waar­door ik de 75-pro­cen­tregel niet gehaald heb voor mijn studiepun­ten. Die zou ik eigen­lijk terug moeten kri­j­gen, waar­door ik beroep indi­ende. Pas vijf weken na aan­vang van het acad­e­mie­jaar zou ik hier antwo­ord op kri­j­gen, wat betekent dat ik deze vijf lesweken niet zal kun­nen vol­gen, me niet zal kun­nen inschri­jven voor eventueel ver­plichte groep­swerken en niet kan deel­ne­men aan prac­ti­ca. Opnieuw wor­den mijn onder­wi­jskansen ver­min­derd door van mijn chro­nis­che ziek­te, in het geval dat ik na die vijf weken niet verder mag doen. Een nieuwe inschri­jv­ing lukt niet, want daar is het te laat voor, en mijn semes­ter belandt in de vuil­bak.”

Apache berichtte eerder dit jaar nog eens over een inci­dent van grensover­schri­j­dend gedrag aan onze uni­ver­siteit van enkele jaren gele­den. In 2016 kwam een doof­po­t­op­er­atie bin­nen de UGent aan het licht waar­bij een pro­fes­sor te mak­en kreeg met der­tien klacht­en over grensover­schri­j­dend gedrag. Hij zou lang vri­jgesteld wor­den van enig gevolg. Dit kwam gelukkig wel aan het licht en hoewel deze prof een trap­je lager op de acad­emis­che lad­der werd gezet, geeft deze man tot op de dag van van­daag nog les op de fac­ul­teit Let­teren en wijs­begeerte. Waar deze dus nog steeds in con­tact komt met stu­den­ten. Hier is vorig jaar dan ook actie over gevo­erd op de fac­ul­teit zelf, waar nage­noeg geen antwo­ord op gebo­den is.

Diver­siteit wordt hoog in het vaan­del gedra­gen aan onze uni­ver­siteit, maar uitein­delijk komen er toch wan­prak­tijken aan het licht die het vertrouwen schaden. Kan dat vetrouwen her­won­nen wor­den in krachtige belei­d­splan­nen en ‑maa­trege­len?

Biedt het beleidsplan soelaas?

Om de diver­siteit aan onze uni­ver­siteit te faciliteren, kwam er een Diver­siteits­belei­ds- en actieplan. Dat moet het reilen en zeilen aan de UGent sturen naar een betere unief voor iedereen tegen 2023. Het diver­siteit­s­plan bestaat uit vier grote strate­gis­che doel­stellin­gen. Zo wil de uni­ver­siteit de super­di­verse samen­lev­ing reflecteren en ver­schil­lende tal­en­ten uit bepaalde ges­tig­ma­tiseerde doel­groepen aantrekken en val­oris­eren. 

Allereerst erkent de uni­ver­siteit dat de diver­siteit in de heden­daagse maatschap­pij te weinig wordt weer­spiegeld in haar stu­den­ten en medew­erk­ers. De UGent wil een diverse instelling wor­den. Onder het mom van plu­ral­isme en het­ero­gen­iteit wordt de aan­dacht geves­tigd op onderverte­gen­wo­ordigde groepen. Op zijn beurt draagt deze com­plex­iteit een posi­tieve bij­drage aan het ken­nis­ap­pa­raat dat de uni­ver­siteit wilt opbouwen. De ver­schei­dene inval­shoeken vor­men een ver­rijk­ing, maar ook één UGent-gemeen­schap vor­men wordt niet uit het oog ver­loren. Tegen directe en indi­recte dis­crim­i­natie wordt expli­ci­et gestre­den. Ook zicht­baarheid en toe­gang tot faciliteit­en primeert.

Onbe­wuste bias, waar­bij com­pe­ten­ties van per­so­n­en uit min­der­hei­ds­groepen onder­schat wor­den, moet actief bestre­den wor­den

Daar­naast moet er op elk niveau van onze onder­wi­jsin­stelling belang wor­den gehecht aan de voor­gaande doel­stelling. Dit zie je weer­spiegeld in de fac­ul­taire stu­den­ten­raden en op hoger niveau: over­al wordt aan­dacht geschonken aan de the­matiek in de vorm van bestu­ur­ders en werk­groepen.

Een derde, en zek­er niet te ver­waar­lozen, doel­stelling is gericht op de instroom van per­so­n­en uit onderverte­gen­wo­ordigde groepen. Tegen 2023 moet die ver­g­root én ver­sterkt wor­den. Door nauwe samen­werk­ing met het secundair onder­wi­js moeten meer stu­den­ten hun weg vin­den naar de UGent. Ook op vlak van medew­erk­ers moet men een tand­je bijsteken: de aan­werv­ing en selec­tie dient diver­siteits­be­wust te gebeuren. Onbe­wuste bias, waar­bij com­pe­ten­ties van per­so­n­en uit min­der­hei­ds­groepen onder­schat wor­den, moet actief bestre­den wor­den. Onder­zoek wees namelijk uit dat tussen de tachtig en negentig pro­cent van de deel­ne­mers hun gedrag lieten bepalen door die onbe­wuste voorin­genomen­heid. Het gevolg ervan is een onderverte­gen­wo­ordig­ing van min­der­hei­ds­groepen. Gelukkig ontkent het diver­siteit­s­plan dat niet. De bewust­word­ing van de bias is een begin, maar actief wordt er niet tegenin gegaan. De laat­ste struc­turele doel­stelling berust dan op de doorstroom van diezelfde per­so­n­en. 

Durf denken

Zak­en zoals gen­der­in­clusief taal­ge­bruik, extra onder­wi­j­son­der­s­te­un­ing voor min­der­hei­ds­groepen, diver­siteit­strain­in­gen voor het per­son­eel en het faciliteren van klacht­en­mo­gelijkhe­den bij dis­crim­i­natie zijn natu­urlijk een stap in de goede richt­ing. Toch moeten we ‘dur­ven denken’ want tenslotte draagt onze uni­ver­siteit zelf kri­tisch denken hoog in het vaan­del. Daar­bij kan het dan ook geen kwaad verder te denken dan wat hier staat, en bli­jvend reken­ing te houden met andere prob­le­men die bin­nen de uni­ver­siteit aangekaart wor­den en reeds aangekaart zijn. Nieuwe maa­trege­len, die miss­chien wel kaderen in diepere machtsstruc­turen dan deze die in het belei­d­splan aangekaart wor­den, dienen in het het­zelfde licht geplaatst te wor­den. 


Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *