Nieuw kandidaat-duo voor rectoraal team stelt zich voor


Door

Archief

‘Samen consequent voor een sterke UGent’, met deze slogan dingen Karin Raeymaeckers en Patrick De Baets in september mee naar het rector- en vicerectorschap van onze universiteit. 

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 20/08/2017 – 17:02 door Selin Bak­istan­liArthur Joos­Suzanne Grootveld

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

De Baets en Raey­maeck­ers

Wie gedacht had dat de rec­tor- en vicerec­torverkiezin­gen er min­der span­nend op zouden wor­den na de wijzig­ing van het kies­re­gle­ment, is eraan voor de moeite. Naast de hernieuwde kan­di­datu­ur van Rik Van de Walle en Mieke Van Her­reweghe is er nu opnieuw een tweede kan­di­daat-duo in the run­ning voor de hoog­ste ambten van de UGent.

Wie zijn ze, wat doen ze?

Karin Raey­maeck­ers en Patrick De Baets, respec­tievelijk kan­di­daat-rec­tor en kan­di­daat-vicerec­tor, zijn op bestu­ursniveau in ieder geval geen onbek­enden. Ze zete­len al enkele jaren samen in de Raad van Bestu­ur van de uni­ver­siteit, waar Raey­maeck­ers de Fac­ul­teit Poli­tieke en Sociale Weten­schap­pen verte­gen­wo­ordigt, en De Baets de verte­gen­wo­ordig­ing van de Fac­ul­teit Inge­nieur­sweten­schap­pen en Archi­tec­tu­ur op zich neemt. Ondanks de goede onder­linge samen­werk­ing en wed­erz­i­jdse appre­ci­atie zou het duo zes maan­den gele­den nooit gedacht hebben dat ze zouden meedin­gen in de rec­tor- en vicerec­torverkiezin­gen.

“Pas toen de toon van de verkiezin­gen hard­er en bit­siger werd, en nadat is gebleken dat het com­pro­mis van de tweede cyclus niet zou sla­gen, zijn wij begin­nen prat­en. Dat was toen nog gewoon prat­en, uit bezorgdheid over het ima­go van onze uni­ver­siteit. Potver­dorie de beste uni­ver­siteit van Bel­gië, en dan zo’n negatieve fall­out”, aldus Raey­maeck­ers. Ze benadrukt dat er voor de tweede cyclus geen con­crete plan­nen waren om zich kan­di­daat te stellen als duo. “Tij­dens de tweede cyclus hebben we dan tegen elka­ar gezegd dat áls de derde cyclus er komt, we niet meer zouden twi­jfe­len, maar het gewoon zouden doen. Als je springt, moet je sprin­gen omdat je goest­ing en ambitie hebt om dat te doen. Dàt was het moment waarop er voor ons men­taal een blad is gekeerd.”

“Waarom zou ik niet als vrouw kan­dideren?” – Raey­maeck­ers

Indi­en het duo het haalt, zou Raey­maeck­ers de tweede vrouwelijke rec­tor van de uni­ver­siteit zijn, in navol­ging van rec­tor Anne De Paepe. Vol­gens Raey­maeck­ers zou dat niet zo opmerke­lijk mogen zijn: “Ik vind dat de evi­den­tie zelve. Waarom zou ik niet als vrouw kan­dideren?” vraagt ze. “Ik heb meer dan vol­doende bestu­urs­er­var­ing als vak­groepvoorzit­ter, uit de Raad van Bestu­ur en in aller­hande com­missies. Je kan veel over gen­der prat­en en zeggen dat je het belan­grijk vin­dt, maar dat moet ook blijken in de daden die je toont.” De Baets is het hier vol­mondig mee eens: “Je kan zak­en niet alleen aan het papi­er toev­ertrouwen en in het echt niet realis­eren.”

Geen Vlaamse koterijen

Het com­pro­mis met de vijf vicerec­toren heeft niet geleid tot de gehoopte suc­cessen. Ook Raey­maeck­ers en De Baets waren geen voor­standers van het voors­tel. “De vijf vicerec­toren, zoals ze zijn voorgesteld, passen hele­maal niet in de huidi­ge struc­tu­ur”, zegt De Baets. “Eigen­lijk is dat typ­isch Vlaams. Je hebt een kot en bouwt er een ander kot­teke aan, en ver­vol­gens nog een kot­teke met vijf vicerec­toren. Bin­nen tien jaar gaan we dan zeggen ‘goh, da’s toch lelijk met al die koten’. Dat von­den wij geen goede optie. Als je zoi­ets door­vo­ert, en we zeggen niet dat het niet kan, dan moet je het volledig doen. Niet gewoon vijf per­so­n­en benoe­men zon­der daarover na te denken.” Raey­maeck­ers beaamt dat: “Zoals het nu voorgesteld werd, was dat iets dat alleen maar geld­ver­slin­dend was en de kwaliteit van de bestu­ursvo­er­ing in de organ­isatie niet hielp. Ik ben er niet treurig om dat dat idee begraven is.”

“Een gov­er­nance­herzien­ing aan verkiez­ingsverzuchtin­gen kop­pe­len is absolu­ut fout” – Raey­maeck­ers

Dat er werk moet gemaakt wor­den van een nieuwe bestu­ursstruc­tu­ur is voor het duo een evi­den­tie. “Ik ben machinebouw­er, dus als je spreekt over radar­w­erken, ken ik daar wel iets van”, begint De Baets zijn metafoor lachend. “Dat de gov­er­nances­truc­tu­ur niet kras- en kraakvrij draait, is duidelijk. De huidi­ge struc­tu­ur moet min­stens een beet­je gere­inigd en ges­meerd wor­den. Pas daar­na kun­nen de eventuele hiat­en gevuld wor­den. Ook het prob­leem met de inkan­tel­ing van het UZ moet met ken­nis van zak­en aangepakt wor­den, en vooral met respect voor de menselijke aspecten die eraan zijn ver­bon­den,” meent De Baets nog, “Men doet alsof het een sim­pele admin­is­tratiefrechtelijke besliss­ing is, maar dat alle­maal klaar kri­j­gen is geen klus voor twee dagen.” Raey­maeck­ers valt hem bij: “Voor je een ingri­jpende gov­er­nance­herzien­ing doet, moet je min­stens alle prob­le­men gede­tecteerd hebben. Je kan niet achter de feit­en aan­hollen en het ene nieuwe mod­el na het andere imple­menteren. Een dergelijke herzien­ing aan verkiez­ingsverzuchtin­gen kop­pe­len is absolu­ut fout.”

Wees consequent

Het duo koos voor de rij­mende slo­gan ‘Samen con­se­quent voor een sterke UGent’, waarmee ze meteen willen aan­to­nen dat ze belang hecht­en aan con­se­quen­tie. “Zeg wat je doet, en doe wat je zegt. Wees con­se­quent”, legt De Baets uit. “Doe geen din­gen waar de uni­ver­siteit niet voor staat. Kijk maar naar de missiev­erk­lar­ing. We zijn een democ­ra­tis­che en plu­ral­is­tis­che uni­ver­siteit, wees dat dan. Wil je par­tic­i­patie op alle niveaus? Doe dat dan.”

“Zeg wat je doet, en doe wat je zegt.” – De Baets

“Het par­tic­i­patiemod­el werkt niet meer zo goed,” ver­vol­gt hij, “Niet alle stu­den­ten zijn geïn­ter­esseerd in par­ticiperen, dus er zal een inspan­ning moeten gebeuren om stu­den­ten de meer­waarde daar­van te doen inzien. Er zijn programma’s en vakken over onderne­men, maar we zouden stu­den­ten die par­ticiperen ook kun­nen begelei­den, en dat in de stud­ies val­oris­eren. We moeten con­se­quent zijn: als we par­tic­i­patie vra­gen en dat belan­grijk vin­den, moeten we dat ook mogelijk mak­en en onder­s­te­unen.”

Trots op UGent

Raey­maeck­ers

Raey­maeck­ers en De Baets tre­den naar buiten met een visi­etekst en een zeven­pun­ten­pro­gram­ma. Toch zijn er enkele zak­en pri­or­i­tair voor hen. Voor De Baets is dat het bin­nen­halen van meer geld voor de uni­ver­siteit. “Ik geloof niet dat de huidi­ge regering meer geld zal pom­pen in onder­wi­js”, zegt hij. De Baets ziet zelf enkele mogelijkhe­den die momenteel nog niet, of niet ten volle, benut wor­den. “Er zijn zek­er nog oppor­tu­niteit­en bij Europa: er zijn pro­jecten waar we niet vol­doende op inzetten. De effi­ciën­tie van de fond­sen­werv­ing bij Europa kan dus beter. Ten tweede valt er zek­er meer geld te halen bij de indus­trie, uit con­trac­tre­search. Ten derde zijn er de paten­ten, die enorm veel kun­nen opbren­gen als ze suc­cesvol zijn. Als je geen paten­ten indi­ent, haal je er natu­urlijk niets uit, maar het is een loter­ij waar je wel aan moet deel­ne­men. Uitein­delijk is er ook de alum­ni­w­erk­ing die veel beter kan. We betrekken onze alum­ni van­daag veel te weinig. Ook daar valt iets te rapen: mensen die zo con­tent zijn dat ze weg zijn, dat ze geld geven (lacht).” Raey­maeck­ers weet ook dat het niet makke­lijk zal zijn om geld te vin­den, en beaamt dat er nog mogelijkhe­den zijn die onbe­nut zijn. “Er zijn nog tal van samen­werkin­gen mogelijk met ver­schil­lende part­ners, zoals Stad Gent. We hebben nog heel wat troeven in onze eta­lage zit­ten, maar we zien die pre­cies zelf nog onvol­doende.”

“Ik geloof niet dat de huidi­ge regering meer geld zal pom­pen in onder­wi­js” – De Baets

Raey­maeck­ers’ grote bekom­mer­nis is sterk onder­wi­js. “Onder­zoek is belan­grijk, dat is een van de geld­stromen van onze uni­ver­siteit, maar iedereen die elk jaar inschri­jv­ings­geld betaalt om een oplei­d­ing te vol­gen aan de UGent, moet de best mogelijke oplei­d­ing kri­j­gen.” Daar­naast wil ze inzetten op com­mu­ni­catie, zodat de UGent naar eigen zeggen een breed gedra­gen, en vooral sterk project bli­jft voor iedereen. “Ik wil dat mensen trots kun­nen zijn op een UGent-merk dat die trots ook reflecteert.” Om dat te realis­eren wil het duo een inclusief beleid voeren waar mensen extra betrokken wor­den. “Nu zit de com­mu­ni­catie te verkok­erd bin­nen geledin­gen en in aparte hok­jes. Er moet een transparant sys­teem wor­den opgezet om het vlechtwerk tussen de fac­ul­teit­en, het cen­traal bestu­ur en de ver­schil­lende geledin­gen beter vervlocht­en te kri­j­gen.” Momenteel wordt er vol­gens Raey­maeck­ers veel ver­gaderd en over­legd, de out­put bli­jft te veel in de kok­ers zit­ten.

De Baets treedt haar bij: “Het is nu zo dat bijvoor­beeld in com­missies soms mensen zete­len, die vaak te weinig over het onder­w­erp weten. Het is belan­grijk om diege­nen die ken­nis van zak­en hebben van bij het begin te benaderen. De vaste com­missies, met alti­jd dezelfde mensen, moeten meer flex­i­bel wor­den.” Raey­maeck­ers illus­treert dat met de goede ideeën die ze heeft geho­ord over onder­wi­jsh­er­vormin­gen. Die komen vaak van mensen die niet in de oplei­d­ingscom­missies zete­len en daar­door niet deel­ne­men aan het debat. “Daar zou je echt trans­ver­sale denk­tanks kun­nen hebben. Als we dat beter proberen in te vullen, dan gaan de beslissin­gen die genomen wor­den automa­tisch ook een grot­er draagvlak hebben. Dan duurt het alle­maal miss­chien een beet­je langer, maar zal er wel min­der negatieve fall­out zijn.”

“De com­mu­ni­catie is verkok­erd” – Raey­maeck­ers

“We hebben ons pro­gram­ma en we weten dat de invulling ervan afhangt van zeer veel feit­en, waar­van we som­mi­gen nog niet ken­nen”, zegt De Baets nog. “Er zijn veel verzuchtin­gen die noch wij, noch het andere duo, op dit ogen­blik ken­nen en het is de bedoel­ing om op korte tijd tra­cht­en te weten te komen wat die zijn.”

De student content

De Baets

Het duo stelt de stu­den­ten naar eigen zeggen cen­traal in hun cam­pagne. “Het eerste prob­leem voor stu­den­ten is kiezen”, meent De Baets, “Je richt­ing, je keuze­vakken en je spe­cialiteit kiezen. Stu­den­ten worste­len daar, alle portfolio’s ten spi­jt, nog alti­jd mee. Ook begelei­d­ing voor stu­den­ten in hun eerste jaar, vooral voor diege­nen die het moeil­ijk hebben en voor zij die moeil­ijk de stap naar de huidi­ge begelei­d­ing zetten, moet uit­ge­breid wor­den.” Ten derde moeten ook stu­den­ten die bij­na afs­tud­eren beter onder­s­te­und wor­den, vol­gens De Baets. “Laat­ste­jaarsstu­den­ten vra­gen zich af of hun studieveld een meer­waarde heeft voor wat ze lat­er gaan doen op de arbei­ds­markt.”

“Ten vierde is er de dig­i­talis­er­ing,” ver­vol­gt De Baets, “Straks ga je goed­kop­er, effi­ciën­ter en sneller op je pc naar de les kun­nen kijken dan in een audi­to­ri­um. We moeten de shift mak­en naar een heel per­soon­lijke vorm van begelei­d­ing, meer coach­ing op maat, meer per­soon­lijke con­tacten. Dat heeft reper­cussies voor het pro­gram­ma natu­urlijk. Con­tac­turen zijn vanaf dan een ander con­cept, maar daar gaan we naar­toe.” Elk audi­to­ri­um van opname-appa­ratu­ur voorzien gaat vol­gens het duo daarom niet ver genoeg. “Je hebt gelijk he,” verzek­ert De Baets, “Onze uni­ver­siteit zal die camera’s installeren, de lessen opne­men en online plaat­sen, en we gaan daar net als de andere uni­ver­siteit­en veel geld in investeren. Maar het gaat ons over tien jaar niets bijbren­gen. Het is door onmid­del­lijke feed­back en werken in kleinere groepen dat stu­den­ten leren aan­voe­len wat ze onder de knie hebben, en waar ze nog moeten ver­beteren.”

“De essen­tie van beleid voeren is verder kijken” – De Baets

Raey­maeck­ers valt hem bij: “We hebben op dit moment de omkader­ing nog niet die pro­fes­soren dat toe­laat.” Ook per vak moet ged­if­fer­en­tieerd wor­den, meent ze. Daar­naast ziet ze ook voor stu­den­ten een taak weggelegd: “Stu­den­ten voor stu­den­ten is in het buiten­land een evi­den­tie. In Zürich zit bijvoor­beeld in het cur­ricu­lum een qua­si-plichtsvak waar­bij stu­den­ten voor een bepaald vak een bud­dy­func­tie vervullen voor medestu­den­ten. Een medestu­dent kan alti­jd beter inschat­ten waar de moeil­ijkhe­den van een vak liggen.”

“Eval­u­atievor­men veran­deren daar­door volledig,” vol­gens De Baets, “Ook de mystieke dis­cussie van de acad­emis­che kalen­der ver­valt in het niets als je dat doet. Dan spreek je niet meer over de kalen­der van van­daag, maar een totaal andere manier van werken. Dàt is kijken in de toekomst. Dat is niet het prob­leem van van­daag oplossen met het ver­schuiv­en van enkele week­jes, want dat is niet de essen­tie van beleid voeren. De essen­tie is verder kijken.”

“Je moet dur­ven begin­nen van een wit blad” – Raey­maeck­ers

“Je moet ook dur­ven begin­nen van een wit blad,” meent Raey­maeck­ers over de acad­emis­che kalen­der, “De cen­trale vraag moet zijn: “hoe zou de oplei­d­ing moeten zijn, en hoe gaan we dat imple­menteren? Zodra je een con­cept hebt, kan je verder bouwen. Begin niet met hier of daar een week te schuiv­en, dat creëert alleen maar heel veel ruis en mensen die hun hakken in het zand zetten.”

Verkiezingsperikelen

Het is de eerste keer dat iedereen aan de UGent mag meestem­men. Toch wor­den er gewicht­en gehangen aan de stem­men van de ver­schil­lende geledin­gen, een besliss­ing die is genomen door de Raad van Bestu­ur bij het aan­nemen van het kies­re­gle­ment. Enkele geledin­gen had­den bedenkin­gen bij de gewicht­en. “Dat zijn ver­talin­gen van de per­cent­ages zoals ze in het oude kiessys­teem waren”, legt Raey­maeck­ers de besliss­ing van de Raad van Bestu­ur uit. “Er werd bear­gu­menteerd dat pro­fes­soren (hun stem telt voor 67% mee, red.) hier hun hele car­rière zit­ten en het belan­grijk is dat hun stem geho­ord wordt voor het uiteen­zetten van het beleid, maar dat argu­ment geldt ook voor het ATP (Admin­is­tratief en Tech­nisch Per­son­eel, wier stem slechts voor 8,5% meetelt, red.).

“Vanaf dat je begint te wegen is er dis­cussie, maar niet wegen is geen optie” – De Baets

“Vanaf dat je begint te wegen is er dis­cussie, maar niet wegen lijkt me geen optie te zijn”, zegt De Baets. “Het is echt nor­maal dat mensen de gewicht­en in vraag stellen.” Bei­den benadrukken wel het belang van het open­trekken van de kieskring. “Het feit dat veel meer mensen mogen stem­men, en niet enkel die kleine groep estab­lish­ment, is een zeer goede zaak.” Raey­maeck­ers en De Baets willen zich in hun cam­pagne dan ook vooral richt­en naar de uni­ver­si­taire gemeen­schap. “We gaan de nor­male kanalen gebruiken, maar we willen niet te veel naar kran­ten en zo gaan”, zegt De Baets. “Tweet­en en Face­booken is leuk, maar we richt­en ons naar de instelling.” Raey­maeck­ers beaamt: “We willen geen mod­dergevecht­en die het tot in de media schop­pen, maar een posi­tief alter­natief voor de kiez­ers.”

“De tijd dat mensen vanaf de kansel kon­den zeggen wat je moet stem­men is achter de rug” – Raey­maeck­ers

Uit­sprak­en over eventuele ver­schuivin­gen in het stemge­drag bin­nen de geledin­gen zijn vol­gens hen voor­barig. “Dat heeft geen zin”, aldus Raey­maeck­ers. “Maar de tijd dat mensen vanaf de kansel kon­den zeggen hoe je moet stem­men is achter de rug, god­betert. Aan de UGent kan iedereen echt wel voor zichzelf beslis­sen op basis van de kan­di­dat­en, anders doen we onze job hier ver­keerd.”

De Paepe achterna?

Wan­neer we hen vra­gen of er zak­en zijn uit het beleid van huidig rec­tor Anne De Paepe die ze graag zouden doorzetten, zijn Raey­maeck­ers en De Baets het erover eens dat De Paepe bezorgd is om de mensen in de organ­isatie, ook in heel moeil­ijke dossiers. “Voor zover ik Anne De Paepe en haar beleid vanu­it de Raad van Bestu­ur ken, is zij niet iemand die op machi­nale wijze per­so­n­en beje­gent”, klinkt het bij De Baets. “Daarom vin­den we het spi­jtig dat er de afgelopen maan­den een sfeer is gecreëerd alsof er hier niets meer goed gaat, alsof het aan de uni­ver­siteit niet aan­ge­naam zou zijn.” Raey­maeck­ers pleit ook tegen de cijfer­matige, koele man­ager­be­nader­ing. “Mensen die weten dat ze geap­pre­cieerd wor­den in een organ­isatie, presteren ook beter.”

“Mensen die weten dat ze geap­pre­cieerd wor­den in een organ­isatie, presteren beter” – Raey­maek­ers

“Wat wij anders gaan aan­pakken … Wij zijn twee mensen die hier van­daag zit­ten omdat we weten dat we op elka­ar kun­nen bouwen en blind­el­ings op elka­ar kun­nen reke­nen. Daarin zal denk ik wel een ver­schil zijn, maar dat is niet de schuld van Anne De Paepe”, zegt Raey­maeck­ers. “Daarom is het zo belan­grijk dat het decreet bepaalt dat er in duo’s opgekomen moet wor­den. Dat is niet zomaar om een man­neke en een vrouwke af te vinken, maar omdat je dan ook mensen kri­jgt die samen com­ple­men­tair zijn in aan­pak. Wij willen daad­w­erke­lijk als team aantre­den.” Raey­maeck­ers en De Baets gaan daarom ook geen opdel­ing mak­en, maar de cru­ciale poten ‘onder­zoek’ en ‘onder­wi­js’ samen behar­ti­gen. “Met onze com­ple­men­tariteit van op een andere manier naar din­gen kijken, is een meer­waarde voor het bestu­ur.”

De kiezer beslist

“Aanspreek­baar, open, transparant, warm”, het zijn slechts enkele van de woor­den die we te horen kri­j­gen wan­neer we het duo vra­gen wat voor rec­tor en vicerec­tor ze willen zijn. “En gewoon nor­maal doen, wete?”, besluit De Baets. “We doen een aan­bod, en het is de kiez­er die beslist.”