Recensie: The Twentieth Century


Door

Archief

Een surrealistische kijk op de langstzittende eerste minister van Canada, maar ook een satirische analyse van de Canadese identiteit. Geniaal of toch iets te niche voor de gemiddelde kijker?

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 27/10/2020 – 17:44 door Daan Van Cauwen­berge

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

William Lyon Macken­zie King was de langstzit­tende pre­mier van Cana­da. Met zes regerin­gen, waaron­der één tij­dens de Tweede Werel­door­log en één tij­dens de economis­che cri­sis van de jaren 30, heeft King duidelijk zijn stem­pel kun­nen drukken op het heden­daagse Cana­da. Het is dan ook niet meer dan logisch dat er bib­lio­theken zijn volgeschreven over dit poli­tieke boeg­beeld.

De Canadese regiseur Matthew Rankin probeert in deze nogal onortho­doxe biopic de poli­tieke opmars van King te schet­sen. Temid­den van een groot con­flict tussen de paci­fistis­che nation­al­is­ten in Que­bec en de oor­logszuchtige impe­ri­al­is­ten uit het Verenigd Koninkrijk, is een jonge King erop gebrand om Cana­da te lei­den. Hij wordt geschetst als een gek­welde en machts­geile jonge politi­cus, die meer geeft om zijn sta­tus dan de toe­s­tand van zijn land.

Des­on­danks is bij Rankin de ernst ver te zoeken. Stilis­tisch is de film een pas­tiche van vroege Duitse expres­sion­is­tis­che cin­e­ma, klassieke sci­encefic­tion­films en Mon­ty Python. De strat­en van Cana­da doen denken aan de sur­re­al­is­tis­che decors van ‘Metrop­o­lis’, poli­tieke lei­ders wor­den afge­beeld als Canadese big broth­ers en dok­ters lijken dan weer meer op ‘Dr. Cali­gari’ dan op Marc Van Ranst. Dat alles wordt ingekaderd in een meer klassieke sti­jl. Ook ver­vaagde kleuren dra­gen bij tot een meer authen­tieke uit­stral­ing.

‘The Twen­ti­eth Cen­tu­ry’ is daarom een nogal veeleisende film. Niet alleen is het stilis­tisch niet alti­jd even makke­lijk om je te bli­jven focussen op alle absur­diteit, maar ook veron­der­stelt het een grote ken­nis van de Canadese geschiede­nis bij zijn pub­liek. Daar­door stelt de film op een metaniveau een inter­es­sante vraag: hoe niche kan een film wor­den tot ze een groot stuk van het pub­liek zal ver­liezen? De algemene reac­ties op de film lijken daar alvast een antwo­ord op te bieden: Canadese recen­sies noe­men het een geniale satire, ter­wi­jl de rest van de wereld vooral blijk geeft van veel ver­war­ring.

Hoezeer ik de keuzes van de regiseur ook bewon­der, moet ik zeggen dat ik zelf eerder tot die tweede groep mensen behoor. De humor, alhoewel waarschi­jn­lijk zeer gevat voor de gemid­delde Canadees, kwam bij mij eerder platvlo­ers over. De ejac­ulerende cac­tussen, eeuwige seks­grap­pen en de groteske karak­teris­er­ing van Kings moed­er waren behoor­lijk kinder­achtig en met momenten wans­make­lijk.

Wan­neer de per­son­ages in de film lachen met Cana­da als de per­son­i­fi­catie van een ‘onophoudelijke teleurstelling’, zeggen ze het zelf nog het beste. ‘The Twen­ti­eth Cen­tu­ry’ ziet er op papi­er uit als een geniale film met diepe inzicht­en, maar de uitwerk­ing blijkt vooral erg teleurstel­lend.


Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *