Van Volksunie, tot N‑VA en verder


Door

Archief

Karel Van Hoorebeke, advocaat van opleiding, was gedurende jaren een prominent lid van de Volksunie. Hij loodst ons doorheen de nabije geschiedenis van de Volksunie en kijkt naar het heden en de toekomst van de partij die hij mee heeft helpen oprichten: de N-VA.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 18/11/2020 – 11:18 door Tim­on Ram­boer

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.


Wat was het doel van de Volk­sunie?

“In de statuten van de N‑VA staat: ‘de Nieuw-Vlaamse Alliantie is een par­tij die in Vlaan­deren vorm wil geven aan een human­i­tair nation­al­isme voor de 21e eeuw’. Het woord human­i­tair is voor mij cru­ci­aal. “In haar streven naar een beter bestu­ur en meer democ­ra­tie kiest de Nieuw-Vlaamse Alliantie logis­cher­wi­js voor de onafhanke­lijke repub­liek Vlaan­deren.” Dat streven naar een onafhanke­lijke repub­liek staat niet in de statuten van de Volk­sunie; “Anders dan enige vooroor­logse afschei­d­ings­be­weg­ing gaat de Volk­sunie uit van een fed­erale staat waarin Vlaan­deren onafhanke­lijk zou kun­nen zijn.” De Volk­sunie was geen open­lijk voor­stander van een onafhanke­lijk Vlaan­deren. Ik herin­ner mij nog goed hoe er op een con­gres een amende­ment voor sep­a­ratisme werd inge­di­end door Jan Loones en enkele anderen, die wel voor­stander waren van een onafhanke­lijk Vlaan­deren, en toen is Schiltz woest gewor­den. Hij waarschuwde voor het ver­lies van de geloofwaardigheid van de Volk­sunie. Schiltz was een par­tic­i­pa­tion­ist, via deel­name aan regerin­gen kon men de Vlaamse staatsvorm­ing stap voor stap uit­bouwen, maar daar­voor is hij ook zwaar ver­ket­terd geweest door de Vlaamse beweg­ing. Voor de Volk­sunie moest Vlaan­deren meer zelf­s­tandig wor­den ten koste van een uni­tair Bel­gië. We wilden een autonoom Vlaan­deren bin­nen Bel­gië en inzetten op de Vlaamse iden­titeit, taal en cul­tu­ur, maar niet op ‘het Vlaamse volk’.”

Hoe is de tweespalt bin­nen de Volk­sunie ontstaan? 

“Ver­hof­s­tadt heeft in 1999 de Lam­ber­mon­takko­or­den doorge­drukt. De VU-ID-frac­tie werd zwaar onder druk gezet door Ver­hof­s­tadt. Wij wilden het akko­ord niet mee goed­keuren, maar anderen bin­nen onze frac­tie wel. Het akko­ord werd goedgekeurd, maar wij hebben ons − met z’n vieren − onthouden, waar­na de media ons spot­tend tot ‘de bende van vier’ hebben omge­doopt en de voorzit­ter ons ont­bood op zijn kan­toor. Geert, Frie­da, Dan­ny en ik zat­en aan het bureau van Borginon wan­neer hij zei: ‘Ik ben voorzit­ter en gij zult doen wat ik wil.’ Maar dat hebben we niet gedaan.”

Probeerde Borginon de rol van ver­zoen­er op zich te nemen?

“Ver­zoen u door te doen wat de par­tij u zegt, dan wel. De grote tenoren had­den het moeil­ijk met de fakkel door te geven. De oude gen­er­atie kon het niet aan­vaar­den dat de jonge gen­er­atie niet blind­el­ings hun poli­tieke lijn vol­gde. Dat is de échte spli­jtzwam geweest.” 

Kan men het Lam­ber­mon­takko­ord zien als een ema­natie van het par­tic­i­pa­tion­isme dat werd opges­tart door Schiltz, maar waar ‘de bende van vier’ niet te ver in wilde gaan?

“Ver­hof­s­tadt heeft dat akko­ord erdoor gedrukt en ons de hemel beloofd, maar dat hebben wij nooit geloofd. Het par­tic­i­pa­tion­isme moest func­tion­eel zijn. Het is alti­jd zo geweest dat het toeken­nen van extra financier­ing aan Wal­lonië en Brus­sel gekop­peld werd aan toegevin­gen op Vlaamse eisen. Mocht­en er toen ook écht Vlaamse eisen aan dat akko­ord gekop­peld zijn geweest, dan had­den wij dat akko­ord wellicht mee kun­nen goed­keuren. Wij zijn als dis­si­dente par­lementsle­den de gezicht­en geweest van een veel ruimere groep ontevre­den VU-leden. Deze groep zal lat­er de basis vor­men voor en opgaan in de N‑VA.”  

“Het was de peri­ode van het teloor­gaan van vriend­schap­pen en het ontstaan van vijan­den”

Hoe kijkt u terug naar de opricht­ing van de N‑VA?

“Het sec­re­tari­aat van de Volk­sunie in Gent beho­orde toe aan een coöper­atieve van Paul Van Grem­ber­gen, Oswald Van Ooteghem, Frans Baert en enkele anderen. Van Ooteghem heeft zich achter ons geschaard, maar Van Grem­ber­gen en Baert niet. Wij waren het sec­re­tari­aat plots kwi­jt. Het is belan­grijk om weten dat de struc­turen Anci­aux-gezind waren. Ondanks dat wij de struc­turen mocht­en overne­men, werd ons dat moeil­ijk gemaakt. Het was de peri­ode van het teloor­gaan van vriend­schap­pen en het ontstaan van vijan­den.”

Heeft men de kieswet­gev­ing veran­derd om het pad voor de prille par­tij te bemoeil­ijken?

“Ver­hof­s­tadt heeft de arrondisse­menten omgevor­md tot provin­ciale kieskrin­gen en de kies­drem­pel ingevo­erd om kleinere par­ti­jen te neu­tralis­eren. Ook een nieuwe uit­ge­spro­ken Vlaamse par­tij, wou men ver­mi­j­den. In 2003 werd enkel Geert Bour­geois verkozen als volksverte­gen­wo­ordi­ger. Bart De Wev­er was toen de kop­man in Antwer­pen, maar werd niet verkozen. Op dat moment was het over­leven. Het was de peri­ode dat we wegge­hoond wer­den. Zo had je de jour­nal­ist Siegfried Bracke, die zei: ‘Ja, die N‑VA, dat par­ti­jt­je met dat vendelzwaaien en oubol­lige flamin­gan­tisme.’ ”

“Op die manier komen andere thema’s aan bod, zoals migratie en iden­titeit”

Hoe heeft u het flamin­gan­tisme zien evolueren gedurende uw loop­baan bij de N‑VA?  

“In 2003 heb ik mij teruggetrokken uit de actieve poli­tiek, maar ik  bleef wel actief achter de scher­men van de Gentse N‑VA-afdel­ing. Na een hele tijd werd het duidelijk dat de Gentse afdel­ing vond dat ik oud genoeg was gewor­den. Het was tijd om plaats te mak­en voor een nieuwe gen­er­atie. Een oud-Volk­sunie man zei mij ooit: ‘Karel, jij bent geen échte flamin­gant, want jij hebt nooit de repressie meege­maakt’. Ik ben in de peri­ode opge­groeid toen er nog moest gestre­den wor­den voor de Vlaamse ontvoogding. Dat is nu weer anders. Bin­nen de plu­ral­is­tis­che Volk­sunie kon­den alle geledin­gen van de maatschap­pij zich terugvin­den onder de noe­mer van de Vlaamse ontvoogding. De huidi­ge gen­er­atie wordt door het klassieke flamin­gan­tisme niet meer zo aange­spro­ken. Op die manier komen andere thema’s aan bod, zoals migratie en iden­titeit.”

“Het in vraag stellen van inter­na­tionale ver­dra­gen, dat kan toch niet?”

Is dat plu­ral­isme dan een spli­jtzwam voor de N‑VA? Bijvoor­beeld omtrent de harde taal jegens asiel en migratie. 

“Dat is het­geen wat mij moeil­ijk valt. Ik ben par­lementslid geweest onder Tob­back, Vande Lan­otte en De Crem op Bin­nen­landse Zak­en en was lid van de com­missie tij­dens mijn loop­baan. De kwest­ies omtrent het vereen­voudi­gen van de asiel­pro­ce­dure over­heer­sten toen de actu­aliteit. Wij namen daar stelling tegen in, maar al reken­ing houdend met de mensen achter een dossier. De Mar­rakech-episode is − los van de gevol­gen die men zelf gecreëerd heeft en waarover men nu ongetwi­jfeld spi­jt heeft – een lam­en­ta­bel schouwspel geweest voor mij. Het gaat hier om het in vraag stellen van inter­na­tionale ver­dra­gen, waaron­der het Ver­drag van Genève. Dat kan toch niet?”

Het huidi­ge dis­cours van de N‑VA is niet wat u voor ogen had bij het opricht­en ervan?

“Even terug naar de N‑VA ten tijde van het kar­tel. Dat kar­tel met CD&V was een over­lev­ingsstrate­gie en is ges­neu­veld wan­neer we vol­doende slagkracht en pop­u­lar­iteit ver­wor­ven had­den als  par­tij. Toen heeft de N‑VA de wind uit de zeilen van het Vlaams Belang gehaald, maar dat heeft de N‑VA genoodza­akt om bij te sturen naar rechts . Het iden­ti­taire dis­cours begon aan zijn opmars en dat brengt ons op van­daag. De Volk­sunie was geen sin­gle-issue par­tij. Wij had­den toen bijvoor­beeld ook al aan­dacht voor het milieu.  Van­daag is dat bij N‑VA bij­na niet aan­wezig. Je kan veel zeggen over Anuna De Wev­er, maar dat den­i­gr­erende toon­t­je over de kli­maat-jon­geren heeft mij ontstemd. Ik vind de kli­maat­stri­jd immers te belan­grijk.” 

Wat denkt u over de poli­tieke taal die de par­tij soms gebruikt? 

“Als je dreigt in de opposi­tie terecht te komen, dan moet je gaan scoren. Maar daar­door dreig je steeds meer te polaris­eren. Men moet op zijn taal­ge­bruik let­ten. In de coulis­sen spreken som­mi­gen van een stri­jd tussen De Wev­er en Franck­en. Dat kan ik niet beves­ti­gen, daar­voor sta ik onder­tussen al te ver van de par­tij. Ik kan me voorstellen dat Franck­en bin­nen de N‑VA heel wat aan­hang heeft en De Wev­er wel al wat fouten heeft gemaakt, maar hij bli­jft de onbe­twiste lei­der van de par­tij en de enige garantie om het pad te bewak­en waar­voor de N‑VA werd opgericht.” 

De N‑VA belandt in de opposi­tie naast het Vlaams Belang.

“Ik hoop dat de N‑VA een eigen dis­cours bli­jft ontwikke­len, in plaats van het vol­gen van het Vlaams Belang. Ze moet zich nu posi­tioneren tegen­over de regering, maar ook tegen­over het Vlaams Belang. Dat is moeil­ijk. Ik denk dat de N‑VA qua sti­jl en dis­cours op het slappe koord danst.”

“Die kern­pun­ten van mijn engage­ment zijn nu al min­der aan­wezig bij de N‑VA en dreigen te verd­wi­j­nen bij de genese van een Forza Flan­dria”

Ziet U de N‑VA een meerder­heid vor­men met het Vlaams Belang?

“Het Vlaams Belang gaat geen toegev­ing doen op ‘links’, bij wijze van spreken. Het samen­gaan van N‑VA en Vlaams Belang zal nog meer ver­rechts­ing bij de N‑VA veroorza­k­en. Ik kan mij daar niet achter zetten. Human­i­tair bli­jft het sleutel­wo­ord. Ik heb steeds de nadruk gelegd op de nuance, het human­i­taire en de ver­draagza­amheid. Die kern­pun­ten van mijn engage­ment zijn nu al min­der aan­wezig bij de N‑VA en dreigen te verd­wi­j­nen bij de genese van een Forza Flan­dria.”


Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *