Eigen onderzoek eerst: Alain Van Hiel


Door

Rechtse mensen zouden gemiddeld gezien een lager EQ en IQ hebben ten opzichte van progressievere mensen. Dat bewees recent onderzoek aan de UGent. “Maar eigenlijk vind ik het jammer dat dat de pers gehaald heeft”, zegt prof. Alain Van Hiel.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 3/11/2019 – 19:40 door Katrien Van­den­broeck­Oshin Cas­teels

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

“Bij din­gen die ik in de media breng, stel ik mij alti­jd de vraag: ‘Kan dit verbindend werken?’” En in het geval van deze studie bleek dat een onmo­gelijk opzet. Na de pub­li­catie in een bek­end weten­schap­pelijk tijd­schrift, sprei­d­de het onder­zoek van Pro­fes­sor Sociale Psy­cholo­gie Alain Van Hiel zich over­al: eerst gespot door een blog, dan via Red­dit duizen­den keren bekeken, daar­na kwam het in de Amerikaanse Youtu­bereeks ‘Big Think’ terecht en ten slotte in De Mor­gen onder de titel ‘Nieuwe studie: wie min­der empathisch is, denkt vak­er rechts’. “Ik kan alleen maar zeggen dat ik het nooit in de pers gewild heb”, vertelt een treurige Van Hiel.

Wat hield uw onder­zoek juist in?

“Eerst en vooral is er een hele onder­zoek­stra­di­tie over ide­ol­o­gis­che houdin­gen, in dit geval ging het over autori­tarisme. Je moet dus dieper gaan in het psy­chol­o­gis­che sys­teem. Adorno en collega’s hebben die recht­sigheid benoemd als autori­tarisme, en er een met­ing voor ontwikkeld. ‘Rechts zijn’ heeft vol­gens hen betrekking op mensen die tra­di­tion­eel zijn en de neig­ing hebben autoriteit en lei­ders te vol­gen. Boven­di­en staan ze vol­gens de onder­zoek­ers niet erg posi­tief tegen­over mensen die de con­ven­tionele nor­men en waar­den niet vol­gen. De buiten­staan­ders van de maatschap­pij, zeg maar. In ons onder­zoek hebben we onder­zocht of autori­tarisme en opinies over ongelijk­waardigheid van groepen gelinkt kun­nen wor­den aan emo­tionele en cog­ni­tieve intel­li­gen­tie.”

Ik ben niet de linkse rakker die hier rep­re­sen­tatief zou zijn voor de Uni­ver­siteit Gent.

Wat waren de onder­zoek­sre­sul­tat­en?

“De con­clusie was dat er er bij mensen met min­der emo­tionele en cog­ni­tieve bek­waamhe­den meer kans is dat ze zich aan de rechterkant van het poli­tieke spec­trum bevin­den. Dat wil zeggen, aan de kant van de groep die hoger scoort op autori­tarisme en bij mensen die ongelijkheid geen groot prob­leem vin­den. Natu­urlijk is dit geen vol­maakt ver­band, je kan niet ver­al­geme­nen dat elke linkse mens zus is en elke rechtse mens zo.

“Als de resul­tat­en ander­som geweest waren, zou ik het trouwens eve­neens hebben gepub­liceerd. Ik ben niet de linkse rakker die hier rep­re­sen­tatief zou zijn voor de Uni­ver­siteit Gent, noch de rechtse rakker die dat net niet zou zijn. Ik ben poli­tiek en ide­ol­o­gisch tamelijk onthecht, miss­chien wel door al dat onder­zoek dat ik deed. Als ik te veel betrokken zou zijn, dan zou ik ongeschikt zijn om dit soort onder­zoek te doen. Zo sim­pel is het.”

Wat vond u zelf van de reac­ties die op het artikel kwa­men?

“Ik heb al ervar­ing met een soort­gelijk artikel rond cog­ni­tieve vaardighe­den en wist dus dat dit heel wat reac­ties zou teweeg­bren­gen. In dit geval kwa­men die vooral van rechts­gezinde mensen. Som­mi­gen zien erin de beves­tig­ing dat aca­d­e­mi­ci neerk­ijken op het gewone volk, wat spi­jtig is. Anderen lijken te denken dat ik het onder­zoek zo opzette, dat het de resul­tat­en genereerde die ik zelf wilde. Dat zijn twi­jfels over mijn integriteit als weten­schap­per, wat ik ook erg vind. Ik ben weten­schap­per en zit niet aan een­der welke kant van de menin­gen­fab­riek. Als mensen beleefd rea­geren, stu­ur ik soms een mail terug. Mensen zijn dan ver­won­derd. Op boer­tige en onbeleefde bericht­en reageer ik niet, daar begin zelfs ik niet aan. Maar als psy­choloog snap ik dat het voor som­mi­gen op de één of andere manier moeil­ijk ver­teer­baar kan zijn.”