
Dat er op dit eigenste moment “weer een paar” virussen naar boven aan het komen zijn, zegt professor Nauwynck aan het begin van dit interview. “Ik noem het heel plezante periodes voor virologen,” zal hij later zeggen, “maar het is minder plezant natuurlijk voor mens en dier die ermee geconfronteerd worden.”
Dat er zoveel nieuwe emerging viruses zijn die België “invaderen”, zoals prof. Nauwynck het omschrijft, is deels te wijten aan een klimaatverandering die zuiderse muggen steeds vaker naar boven duwt. Die muggen zijn insecten die voor de overdracht van virussen zorgen, en worden ook wel vectoren genoemd. “Er zijn waarschijnlijk bepaalde interacties tussen enkele van die muggen of muggensoorten en sommige culicoïden, waar we eigenlijk op dit moment niet goed weten wat er zich afspeelt, omdat de vectoren te weinig worden bestudeerd”, waarschuwt Nauwynck. “Dat is een groot probleem. Virologen zijn er genoeg, maar mensen met kennis van insecten zijn er heel weinig.”
“Dus normaal gezien kan een virus dat aanklopt bij een dier niet aankloppen bij de mens. Dat is 99,999% het geval. Natuurlijk leidt de 0,0001% die dat dan toch doet tot een explosie.”
Hans Nauwynck
Met andere woorden: alles in de wereld van de virussen is verbonden met elkaar. De meeste emerging viruses komen overigens ook “hoofdzakelijk vanuit de dieren.” Normaal gezien zijn dergelijke dierlijke virussen ongevaarlijk voor de mens, aangezien zij enkel cellen kunnen binnendringen met specifieke receptoren. “Er zijn grote verschillen – godzijdank – tussen dieren en mensen op het vlak van die receptoren. Dus normaal gezien kan een virus dat aanklopt bij een dier niet aankloppen bij de mens. Dat is 99,999% het geval. Natuurlijk leidt de 0,0001% die dat dan toch doet tot een explosie.”
De kans op dergelijke explosies neemt ook enkel toe naarmate er nu meer virussen circuleren. De professor geeft doorheen het interview verscheidene voorbeelden van mogelijks gevaarlijke dierenvirussen: Westnijlvirus, Afrikaanse varkenspest, arterievirussen … “Misschien moeten we een keer een lijstje maken van virussen waar we meer aandacht aan moeten besteden. Want als die ooit bij de mens komen, dan zal het geen evidentie zijn om dat goed te kunnen controleren.”
Een lichtpuntje in dit alles? “De snelheid waarmee we diagnoses kunnen stellen,” (zie ook Pathosense in dit opzicht, red.), “en waarmee we vaccins kunnen maken, is immens. En het zal altijd sneller, en sneller, en sneller gaan. Dus dat is de positieve noot op het einde van een hoop miserie die ik naar je kop geslingerd heb (lacht).”


Een reactie achterlaten